Nederland stapt over op een nieuw pensioenstelsel. Topdrukte bij de pensioenfondsen, maar wat betekent het voor jou? Logische vraag. Pensioen voelt misschien ver weg. Iets voor later. Iets voor je oma, je ouders of je werkgever. Maar ondertussen gaat het wél over jouw geld. Over het inkomen dat je later krijgt, bovenop je AOW. En daarom is de overstap naar een nieuw pensioenstelsel ook voor jou belangrijk.
Nederland stapt over, omdat de manier waarop we werken flink is veranderd. Het oude pensioenstelsel paste prima bij een andere tijd. Toen bleven veel mensen tientallen jaren bij dezelfde werkgever. Je bouwde dan jaar na jaar pensioen op binnen hetzelfde pensioenfonds. Dat werkte best goed, zolang je loopbaan voorspelbaar was.
Maar jouw werkleven ziet er waarschijnlijk anders uit. Misschien wissel je vaker van baan. Misschien werk je een tijd als zelfstandige. Misschien ga je van de ene sector (bijvoorbeeld zorg) naar de andere sector (bijvoorbeeld onderwijs). Of misschien heb je periodes waarin je minder werkt, studeert, zorgt of iets totaal anders doet. Loopbanen zijn minder rechtlijnig geworden.
Nieuw pensioenstelsel
Daar begon het oude stelsel te knellen. In het oude systeem bouwden jongere en oudere werknemers vaak op dezelfde manier pensioen op voor dezelfde premie. Dat klonk eerlijk, maar dat was het niet altijd. Als jongere betaalde je ongemerkt deels mee aan het pensioen van oudere collega’s. Ook dat was niet zo’n probleem, als je je hele loopbaan in dezelfde sector bleef. Dan kreeg je later zelf ook dat voordeel. Maar ja, als je vaker overstapt, werkt dat minder goed.
Er was nog iets. Het oude stelsel was moeilijk te begrijpen. Je kon lezen dat pensioenfondsen miljarden in kas hadden. Je hoorde dat de economie goed draaide. En toch ging je pensioen soms niet omhoog. Dat kwam door wettelijk verplichte buffers waardoor veel geld niet uitgekeerd kon worden. Ingewikkeld, voor veel mensen was dat bijna niet te volgen. Heel wat gepensioneerden waren er boos over. Begrijpelijk.
Daarom kwam er een nieuw stelsel. De basis werd gelegd in het Pensioenakkoord van 2019. Daarna kwam de Wet toekomst pensioenen. Die wet werd uitgebreid besproken in de Tweede en Eerste Kamer en uiteindelijk aangenomen in mei 2023. Nu wordt ‘ie stap voor stap ingevoerd. Misschien ben jij ook al over, net als de helft van de Nederlandse werknemers?
Wat verandert er voor jou?
In het nieuwe stelsel draait het minder om een vaste belofte (pensioenhoogte) voor later. Zeker is: de premie die nu voor jou wordt ingelegd. Je pensioenfonds belegt die premie; dat levert rendement op en zo groeit je pensioenvermogen. Je kunt in de rapportages van je pensioenfonds duidelijker zien wat er voor jou wordt opgebouwd en hoe jouw persoonlijk pensioenvermogen zich ontwikkelt.
Ben je jong, dan kan je pensioenfonds meer risico nemen met beleggingen. Dat klinkt spannend, maar daar is een reden voor: je hebt nog veel tijd om tegenvallers op te vangen. Meer risico kan op lange termijn ook meer rendement opleveren. Kom je qua leeftijd in de buurt van pensioen, dan neemt jouw pensioenfonds dat risico niet meer. Ook bouw je nu vanaf je 18e pensioen op en dat loopt misschien wel door tot bijna 70. Het geld kan dus langer rendement opleveren dan vroeger, toen de opbouw tussen 25 en 65 moest gebeuren.
Het doel is een pensioen dat beter past bij jouw leven. Persoonlijker, eerlijker en duidelijker.
Wordt pensioen nu ineens heel simpel? Nee. Ook het nieuwe stelsel is nog best ingewikkeld. Komt je pensioenleeftijd in zicht? Dan kun je bij veel fondsen vaak persoonlijke keuzes maken. Dat is voor iedereen weer net even anders. Maar de gedachte erachter is eenvoudig: jouw pensioen moet beter aansluiten bij hoe jij werkt, leeft en van baan verandert. Pensioen is misschien niet je hobby. Maar het is wel jouw geld.
